In 2024 steeg de energiehonger tot 6,1 procent.

TNO en het CBS onderzochten hoe energiearmoede zich tussen 2019 en 2024 ontwikkelde in het Energiehongerverslag uit Nederland en in het Energiehongercheck omdat niet alle gegevens momenteel beschikbaar zijn.

huizen met een tekort aan elektriciteit
2019 8,6
2020 6,4
2021 6,3
2022* 4,0 2,2
2023* 4,0 4,9
2024a 6,1
Bronnen: CBS en TNO
* primaire cijfers CBS, een voorlopige schatting Pull

Meer gezinnen ondervinden energiearmoede als gevolg van de afschaffing van toeslagen.

In Nederland werd 6,1 procent van alle huishoudens in 2024 getroffen door , volgens de oorspronkelijke maatregel. Volgens de studie is de daling van de begrotingssteunprogramma’s een belangrijke factor in de toename van . Laaginkomenswoningen kunnen in aanmerking komen voor een energiebelasting in 2022 respectievelijk 2023, wanneer de energieprijzen hoog waren. Daarnaast was er een waardeplafond voor alle families in 2023, dat een maximale waarde voor de eerste 2 900 kWh elektriciteit en de eerste 1 200 vierkante meter aardgas vastlegde.

De vaste tarieven stegen terwijl de energieprijzen met 20 % stegen ten opzichte van 2022. Maar huishoudens met een laag inkomen komen niet langer in aanmerking voor een energiebelasting. Het merendeel van de gezinnen werd 1 300 EUR per jaar aangerekend voor 2022 en 2023. Als gevolg daarvan zijn hun energiekosten de afgelopen twee jaar gestegen, met name voor gemeenschappen met een laag inkomen.

Energiehonger is lager dan in 2019.

Ondanks de stijging van het aandeel huishoudens in de machtsarmoede was het aandeel lager dan in 2019 en waren de energieprijzen toen aanzienlijk lager. De meest dwingende reden hiervoor is dat de waarde van woningen tussen 2019 en 2024 aanzienlijk is verbeterd. Huizen waren ook energie-efficiënter, vooral nadat de energiecrisis begon. Bovendien zijn de huishoudens met lage lonen de laatste jaren gedaald.

De energieprijzen en -verhoudingen stegen opnieuw.

Sinds 2019 liggen de gemiddelde maandelijkse energiekosten op hun hoogste niveau, zowel voor huishoudens met een laag energieverbruik ( 181) als voor alle huishoudens ( 184). Vanwege de methoden voor financiële bijstand ondervonden huizen met elektriciteitsarmoede lagere gemeenschappelijke energiekosten in 2022 en 2023. De normale energiekosten stegen in 2024 onder andere als gevolg van de afschaffing van de steun.

Na afwikkeling, regelmatige maandelijkse elektriciteitskosten
2019 147 139
2020 126 124
2021 138 138
2022* 108 49
2023* 153 119
2024a 171 184
* Tijdelijke tekens CBS schat RIP
Bronnen: CBS en TNO
* primaire cijfers CBS, een voorlopige schatting Pull

Het stroombedrag is goed voor de energiekosten die worden gemaakt. De energieverhouding voor woningen met lage energie ligt dicht bij 12 procent, wat het hoogste niveau sinds 2019 is. De energie voor alle families was ongeveer 5 %. In huishoudens met machtsarmoede steeg de sterkteratio in 2023 met 4,5 procentpunten. Door de hogere energiekosten zijn de lonen meer gestegen dan de lonen.

Wat is na afwikkeling de typische energieverhouding?
2019 5,1 10,4
2020 4,2 9,1
2021 4,4 10
2022* 3 3,8
2023* 4 7
2024a 4,7 11,5
Bronnen: CBS en TNO
* primaire cijfers CBS, een voorlopige schatting Pull

Sinds de machtscrises is de onzichtbare trend van energiearmoede toegenomen.

De huishoudens begonnen minder macht te gebruiken om ervoor te betalen. Dientengevolge daalde het percentage huishoudens met lage inkomens en lage energie-kwaliteitwoningen dat te weinig energie verbruikt van 1 % in 2021 (ongeveer 80.000 huishoudens) tot 1,4 procent in 2024 (ongeveer 119 duizend). Dit is een stijging van 24 procent naar 49 procent voor het lage inkomen huis en lage energie dekking partij.

vaak alleenstaand en het genereren van een pensioen of ander inkomen.

huizen met een tekort aan elektriciteit zijn vaak alleenstaand en leven veelal van een pensioen of uitkering. Door het lage inkomen wonen zij relatief vaak in een corporatiewoning. Energiearmoede concentreert zich met name in een aantal grote steden, en de regio’s Noordoost Groningen en Zuid-Limburg.

In welk deel van de gemeenten zijn er in 2024 lagere energie huishoudens?
Aa en Hunze 4,8
Aalsmeer 3,8
Aalten 5,2
Achtkarspelen 9,6
Alblasserdam 5,8
Albrandswaard 3,1
Alkmaar 5,8
Almelo 11,0
Almere 3,4
Alphen aan grot Rijn 4,1
Alphen-Chaam 3,3
Altena 4,0
Ameland 4,3
Amersfoort 4,5
Amstelveen 5,1
Amsterdam 9,5
Apeldoorn 5,2
Arnhem 10,2
Assen 6,0
Asten 4,2
Baarle-Nassau 5,5
Baarn 4,3
Barendrecht 2,5
Barneveld 3,4
Bek (L.) 4,8
Beekdaelen 5,5
Beesel 5,2
Berg en Dal 6,6
Bergeijk 3,3
Bergen (L.) 4,3
Bergen (NH.) 3,6
Bergen op Zoom 6,1
Berkelland 5,2
Bernheze 3,3
Best 3,7
Beuningen 4,4
Beverwijk 5,5
Bladel 3,6
Blaricum 3,8
Bloemendaal 3,2
Bodegraven-Reeuwijk 3,1
Boekel 2,6
Borger-Odoorn 5,9
Borne 4,3
Borsele 2,7
Boxtel 3,9
Breda 5,6
Bronckhorst 4,3
Brummen 4,4
Brunssum 9,2
Bunnik 2,4
Bunschoten 2,9
Buren 3,8
Capelle aan grot IJssel 7,0
Castricum 2,3
Coevorden 6,0
Cranendonck 4,3
Culemborg 4,2
Dalfsen 3,2
Dantumadiel 6,2
De Bilt 5,1
De Fryske Marren 4,7
De Ronde Venen zijn 3,3
De Wolden 4,2
Delft 8,7
Den Helder 7,5
Deurne 4,4
Deventer 7,3
Diemen 4,8
Dijk en Waard 2,7
Dinkelland 3,8
Doesburg 8,5
Doetinchem 6,7
Dongen 3,8
Dordrecht 7,4
Drechterland 3,5
Drimmelen 3,5
Dronten 4,1
Druten 4,8
Duiven 3,9
Echt-Susteren 5,4
Edam-Volendam 3,4
Ede 3,3
Eemnes 3,3
Eemsdelta 9,0
Eersel 3,1
Eijsden-Margraten 3,3
Eindhoven 7,9
Elburg 3,6
Emmen 8,1
Enkhuizen 6,6
Enschede 11,3
Epe 4,6
Ermelo 4,0
Etten-Leur 4,8
Geertruidenberg 4,3
Geldrop-Mierlo 5,5
Gemert-Bakel 4,2
Gennep 5,0
Rijen en Gilze 5,5
Goeree-Overflakkee 4,2
Goes 5,3
Goirle 4,7
Ganzenmeren 5,1
Gorinchem 6,7
Gouda 6,3
Groningen (schurk) 8,8
Gulpen-Wittem 5,2
Haaksbergen 4,6
Haarlem 6,5
Haarlemmermeer 3,2
Halderberge 5,1
Hardenberg 4,4
Harderwijk 5,5
Hardinxveld-Giessendam 2,9
Harlingen 6,0
Hattem 3,8
Heemskerk 4,8
Heemstede 3,6
Heerde 3,6
Heerenveen 6,5
Heerlen 13,4
Heeze-Leende 2,9
Heiloo 2,1
Hellendoorn 3,5
Helmond 6,8
Hendrik-Ido-Ambacht 3,3
Hengelo (O.) 7,6
De Hooglanden 8,0
Heumen 3,4
Heusden 5,2
Hillegom 4,1
Hilvarenbeek 3,6
Hilversum 6,1
Spotprotect 3,4
Gerecht van Twente 4,9
Franse kroon 4,6
Hoogeveen 5,9
Hoorn 5,9
Horst on the Somme 2,8
Houten 2,3
Huizen 4,9
Hulst 3,9
IJsselstein 4,0
Kaag en Braassem 3,8
Kampen 5,4
Kapelle 2,7
Katwijk 3,3
Kerkrade 10,0
Koggenland 2,7
Krimpen bij de IJssel 3,9
Krimpenerwaard 3,9
Laarbeek 4,5
Cuijk is een natie. 4,6
Landgraaf 8,1
Landsmeer 5,0
Lansingerland 1,9
Laren (NH.) 5,3
Leeuwarden 8,8
Leiden 6,3
Leiderdorp 3,2
Leidschendam-Voorburg 6,5
Lelystad 6,7
Leudal 3,7
Leusden 2,6
Lingewaard 3,0
Lisse 3,0
Lochem 4,6
Betalen op Sand 5,0
Lopik 3,4
Losser 5,8
Maasdriel 3,6
Maasgouw 4,1
Maashorst 4,3
Maassluis 6,2
Maastricht 10,3
Medemblik 3,6
Meerssen 4,0
Meierijstad 3,4
Meppel 6,0
Middelburg (Z.) 4,9
Midden-Delfland 2,9
Midden-Drenthe 4,2
Midden-Groningen 8,4
Moerdijk 4,7
Molenlanden 3,7
Montferland 4,6
Montfoort 2,8
Mook en mediator 3,0
Neder-Betuwe 4,5
Nederweert 4,7
Nieuwegein 4,3
Nieuwkoop 3,7
Nijkerk 3,6
Nijmegen 8,2
Nissewaard 6,0
Noardeast-Frysl�n 6,4
Noord-Beveland 3,7
Noordenveld 5,4
Noordoostpolder 5,3
Noordwijk 2,9
Nederwets, Gerwen en Nuenen 3,1
Nunspeet 4,7
Oegstgeest 2,7
Oirschot 3,6
Oisterwijk 4,4
Oldambt 10,3
Oldebroek 4,6
Oldenzaal 6,1
Olst-Wijhe 4,1
Ommen 4,0
East Gelre 4,0
Oosterhout 4,7
Ooststellingwerf 5,3
Oostzaan 3,6
Opmeer 3,4
Opsterland 6,3
Oss 5,4
Gebied van de oude sneeuw 5,1
Ouder-Amstel 3,5
Oudewater 3,7
Overbetuwe 4,7
Papendrecht 5,5
Peel en Maas 3,4
Pekela 10,6
Pijnacker-Nootdorp 2,0
Purmerend 3,5
Putten 4,4
Raalte 3,7
Reimerswaal 4,1
Renkum 6,2
Renswoude 2,4
De heer De Mierden 2,9
Rheden 8,6
Rhenen 3,9
Ridderkerk 5,2
Rijssen-Holten 3,8
Rijswijk (ZH.) 6,9
Roerdalen 4,4
Roermond 8,3
Roosendaal 6,2
Rotterdam 11,1
Rozendaal 1,5
Rucphen 5,9
Schagen 4,0
Scherpenzeel 3,3
Schiedam 9,0
Schiermonnikoog 4,2
Schouwen-Duiveland 4,0
Den Haag (gemeente) 9,1
‘s-Hertogenbosch 6,0
Simpelveld 6,9
Sint-Michielsgestel 2,9
Sittard-Geleen 8,7
Sliedrecht 4,5
Sluis 4,8
Smallingerland 8,3
Soest 4,3
Someren 4,1
Breugel en zoon 2,6
Stadskanaal 9,6
Staphorst 2,9
Stede Broek 4,5
Steenbergen 4,5
Steenwijkerland 6,1
Stein (L.) 3,9
Bestrijding 3,7
S�dwest-Frysl�n 6,9
Terneuzen 5,5
Terschelling 4,0
Texel 3,6
Teylingen 2,6
Tholen 4,4
Tiel 6,8
Tilburg 6,2
Tubbergen 4,4
Twenterand 6,0
Tynaarlo 3,7
Tytsjerksteradiel 5,3
Uitgeest 2,3
Uithoorn 3,9
Urk 4,0
Gemeenteraad Utrecht 5,1
Utrechtse Heuvelrug 4,2
Vaals 12,3
Valkenburg aan de Geul 6,5
Valkenswaard 4,6
Veendam 9,2
Veenendaal 5,8
Veere 2,8
Veldhoven 3,4
Velsen 6,4
Venlo 6,6
Venray 4,4
Vijfheerenlanden 4,0
Vlaardingen 7,5
Vlieland 3,6
Vlissingen 6,9
Voerendaal 5,0
Voorne aan Zee Voorne aan Zee 4,1
Voorschoten 4,1
Voorst 4,8
Vught 4,4
Waadhoeke 6,7
Waalre 3,8
Waalwijk 5,7
Waddinxveen 4,7
Wageningen 5,7
Wassenaar 5,0
Waterland 3,6
Weert 4,8
West Betuwe 3,5
Waal en West Maas 2,9
Westerkwartier 5,7
Westerveld 4,0
Westervoort 5,7
Westerwolde 9,0
Westland 3,8
Weststellingwerf 6,0
Wierden 4,0
Wijchen 5,0
Wijdemeren 4,0
District Duurstede 3,7
Winterswijk 6,4
Woensdrecht 4,6
Woerden 3,1
Wormerland 4,2
Woudenberg 2,5
Zaanstad 6,4
Zaltbommel 3,6
Zandvoort 9,3
Zeewolde 2,6
Zeist 6,5
Zevenaar 6,3
Zoetermeer 6,0
Zoeterwoude 2,3
Zuidplas 4,1
Zundert 3,7
Zutphen 7,1
Zwartewaterland 4,2
Zwijndrecht 7,0
Zwolle 5,5
Bronnen: CBS en TNO

Kansgroep eigenschappen hebben meestal lage energie kwaliteit

Ongeveer 1 miljoen risicogemeenschappen zouden in Nederland aanwezig zijn, ofwel 12,9 procent van het totale aantal huishoudens daar. Deze huishoudens hebben geen lagere energierekeningen, maar hebben in plaats daarvan kleine middenklasseinkomens, hoge energierekeningen en/of lage energiekwaliteit huisvesting. Ze zijn dus ook veerkrachtig wanneer de prijzen hoog zijn. De gevaarlijke partij in 2024 gemiddeld 193 euro per maand in energiekosten en had een normale sterkte verhouding van 7,7 %.

Plaats een reactie